Initiatiefvoorstel groenlinks.doc

GROENLINKS
Fractiesecretariaat:
Telefoon: (0299) 427739 Email : [email protected] Initiatiefvoorstel betreffende: Open haarden en houtkachels
Probleemstelling
Twintig procent van de huishoudens in Nederland heeft een open haard of een houtkachel.
Voor Purmerend zou dit neerkomen op ongeveer zesduizend stookplaatsen. Deze haarden
en kachels zijn bedoeld als gezellige bijverwarming, maar worden door de huidige hoge
energieprijzen steeds vaker als hoofdverwarming gebruikt.
Nauwelijks bekend is dat open haarden en kachels milieubelastend zijn. Particulieren die hout verbranden zijn naar schatting verantwoordelijk voor twaalf procent van het in Neder-land uitgestoten fijn stof (PM10) en voor vijftien procent van het in Nederland uitgestoten PM2,5.1 Voor een goed begrip: het verkeer draagt voor ongeveer 30 procent bij in de achtergrondwaarden van fijn stof. Het percentage fijn stof afkomstig van het verbranden van hout door particulieren is mogelijk hoger, want er is bij het onderzoek is nog geen rekening gehouden met toenemend gebruik en de trend van buitenvuren. Tegenwoordig staan in veel tuinen standaard vuurkorven, terrashaarden of (mega-)barbecues. Omdat hout een natuurproduct is wordt vaak gedacht dat er bij verbranding geen schadelijke stoffen vrijkomen. Bij de verbranding van hout komen echter fijn stof, stikstofoxiden, koolmo-noxide, polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK s)en VOS (vluchtige organische stoffen) vrij. Deze stoffen staan bekend om hun effecten op de gezondheid van de mens. Zo zorgt blootstelling aan fijn stof voor vervroegde sterfte, toename in ziekenhuisopnames voor hart- en luchtwegaandoeningen, luchtwegklachten en functiestoornissen. Stikstofdioxide (NO2) dringt door tot in de kleinste vertakkingen van de luchtwegen en kan dan een lagere longfunctie veroorzaken. Ook een toename van astma-aanvallen en ziekenhuisopnamen en een verhoogde gevoeligheid voor infecties komen voor. PAK s zijn kankerverwekkend, VOS en koolmonoxide zijn giftig.2 Het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) schat het aantal door fijn stof veroorzaakte voortijdige sterfgevallen in Nederland op 18000 per jaar.3 Voor het aandeel van open haarden en kachels ontstaat de meeste uitstoot van deze stoffen door onvolledige verbranding. Bij het starten en doven van het vuur vindt altijd onvolledige verbranding plaats. Tijdens het stookproces worden echter veel meer stoffen uitgestoten dan nodig, omdat negentig procent van de mensen met een allesbrander of open haard niet goed stookt. Hun kachel heeft een te groot vermogen, de luchttoevoer is niet goed, of zij stoken bijvoorbeeld met nat hout of afvalhout. Goed hout of houtproducten van de brandstoffen-handel zijn duur en vormen maar een klein percentage van de in Nederland gestookte vaste brandstof. Verreweg het meeste hout is afvalhout, eigen snoeihout, of ander materiaal. Wanneer andere materialen worden verbrand, komen ook extra schadelijke stoffen vrij, zoals pcb s, zware metalen en dioxines. Volgens VWS zijn open haarden, houtkachels en houtverduurzaming gezamenlijk verantwoordelijk voor een kwart tot één derde van de totale uitstoot aan dioxine in Nederland. Uit het voorgaande blijkt, dat open haarden, houtkachels en het verstoken van hout in de open lucht een zware belasting van het milieu met zich meebrengen. Er wordt in Nederland 1 Zie artikel tijdschrift Lucht 2 Gezondseffecten fijn stof bron: RIVM 3 Dossier Luchtkwaliteit Ministerie VROM veel gedaan om de uitstoot van fijn stof te beperken. We kunnen hierbij denken aan de strenge voorschriften voor de industrie en voor het verkeer. Ook de lokale overheid heeft de plicht de uitstoot van fijn stof te bestrijden. Een grote bron als de verbranding van hout in open haarden, houtkachels en de open lucht kan hierbij niet buiten beschouwing blijven. Het is niet onze bedoeling om sfeerverwarming als open haarden en houtkachels te verbieden. Je mag echter van mensen die hier gebruik van maken verwachten dat ze dit doen op een verantwoorde manier. De gemeente kan intensieve voorlichting geven over de milieueffecten van het verbranden van hout. Deze voorlichting kan tot gevolg hebben dat men afziet van de bouw van rookkanalen of dat men uitdrukkelijk rekening houdt met de schadelijke effecten als men stookt. Indien iemand overlast veroorzaakt naar zijn omgeving moet het mogelijk zijn hierover een klacht in te dienen. De gemeente moet, na zich er van overtuigd te hebben dat de klacht terecht was, over een instrumentarium beschikken om een einde aan de overlast te maken. In artikel 6.4.1 van de Purmerendse bouwverordening staat het volgende: Hinder in verband met brandveiligheid
Onverminderd het bepaalde in of krachtens de artikelen 6.1.1 tot en met 6.3.2 is het
verboden in, op, of aan een bouwwerk of op een open erf of terrein voorwerpen of stoffen
te plaatsen, te werpen of te hebben, handelingen te verrichten of na te laten of
werktuigen te gebruiken, waardoor:

a) op voor de omgeving hinderlijke of schadelijke wijze rook, roet, walm of stof wordt b) brandgevaar wordt veroorzaakt; c) het vluchten wordt belemmerd. Niet van toepassing is het vorenstaande, indien en voor zover het betreft hinder, terzake waarvan de Wet milieubeheer of enige wet van toepassing is. Navraag bij de Afdeling Vergunningen, Toezicht en Handhaving leerde ons dat dit verbod weliswaar in bouwverordening staat maar dat handhaving nog niet zo n eenvoudige zaak is4. Wij stellen voor onderzoek te doen naar aanscherping van de regelgeving om handhaving beter mogelijk te maken en eventueel nadere eisen te stellen aan de werking van rookgaskanalen. . Voorstel
De gemeente gaat intensief voorlichting geven m.b.t. het stoken van hout in open haarden, kachels en de open lucht. Hierin wordt zowel aandacht gegeven aan de te verbranden materialen, de wijze van stoken en de gevolgen voor de gezondheid5. Het college onderzoekt of het verbod in artikel 6.4.1 van de bouwverordening handhaafbaar is en doet hierover een nadere rapportage aan de raad. Meetbare doelstelling
Het reduceren van de uitstoot van fijn stof en andere giftige stoffen in de atmosfeer.
Financiële consequentie
geen

Source: http://purmerend.nl/sites/home/files/BIS/2012/april/08-52_initiatiefvoorstel_groenlinks.pdf

Lm31_installationsanvisning.pmd

Laddomat 31 Inledning. För bästa funktion och högsta verkningsgrad i ett ackumulator-och kulvertsystem är skiktning och väl anpassade temperatur-nivåer i tanken ett krav. Det är fördel med hög laddningstemperatur då detta ger mer energi per överpumpning. Ju färre överpumpningar desto mindre förluster. Har man plastkulvert bör inte temperaturen överstiga 80°C. Därf

Gebrauchsinformation: information fÜr den anwender

GEBRAUCHSINFORMATION: INFORMATION FÜR DEN ANWENDER Acetolyt-Granulat Wirkstoff: Calcium-natrium-hydrogencitrat Lesen Sie die gesamte Packungsbeilage sorgfältig durch, bevor Sie mit der Einnahme dieses Arzneimittels beginnen.  Heben Sie die Packungsbeilage auf. Vielleicht möchten Sie diese später nochmals lesen.  Wenn Sie weitere Fragen haben, wenden Sie sich an Ihren Arzt oder

Copyright © 2010 Health Drug Pdf